In The Praise Of Shadows

Hé buurman! Zin in een koffietje? Ik wil je iets vertellen over een boek, echt zo'n boek waar je over na gaat denken terwijl je afwast. Ken je 'In Praise of Shadows' van Jun'ichirō Tanizaki?
Het is een dun boekje, maar man oh man, wat een impact! Het gaat over schaduw, ja echt waar. Klinkt suf hè? Maar wacht even! Het is niet zomaar schaduw, het is een ode aan de schoonheid van duisternis, aan het imperfecte en aan... nou ja, aan alles wat wij in het Westen zo hard proberen weg te poetsen.
Denk even mee. Wij zijn helemaal gek van felle lampen, spiegelgladde oppervlakken en blinkend chroom. Alles moet shinen, nietwaar? Maar Tanizaki, die zit daar met z'n Japanse theekopje en zegt: "Ho eens even! Wat is er mis met een beetje donker? Wat is er mis met een beetje patina?"
Must Read
Het Filosofische Hoekje (maar niet te serieus!)
Hij vergelijkt bijvoorbeeld de westerse liefde voor elektriciteit met de subtiele gloed van kaarslicht of olielampen. Hij heeft het over de textuur van oude houten huizen, over de manier waarop het licht filtert door papieren schermen. Het klinkt allemaal misschien heel simpel, maar het gaat dieper. Het gaat over hoe wij perceptie ervaren, hoe cultuur onze smaak beïnvloedt en hoe... tja, hoe we een beetje gek zijn geworden op perfectie.
Vind je het al saai? Nee toch? Oké, even door! Want hier komt de clou.
Westerse WC’s vs. Japanse Latrines: Een Cruciale Vergelijking!
Serieus, hij gaat het er echt over hebben! Tanizaki vergelijkt westerse toiletten (straal wit, blinkend, hygiënisch) met traditionele Japanse latrines (donker, aards, geurend naar mos). En raad eens? Hij geeft de voorkeur aan de latrines! Waarom? Omdat ze een plek zijn van meditatie, van bezinning. Daar zit je dan, in het halfdonker, denkend over het leven... of over waar je volgende sake vandaan komt. Oké, misschien niet, maar je snapt het idee.

Hij zegt eigenlijk dat die westerse obsessie met hygiëne, met het uitroeien van alles wat "vies" is, ons iets essentieels ontneemt. Namelijk de connectie met de natuur, met de aardse kant van het bestaan. Een beetje zoals je oma die altijd zei: "Een beetje vuil maakt je niet ziek!" Oké, misschien zei ze dat niet over de WC, maar je begrijpt me toch?
En wat denk je van eten? Hij klaagt over de manier waarop we ons eten in het Westen serveren. Alles blinkt, alles is perfect gepresenteerd. Maar hij vindt dat Japanse gerechten veel beter smaken als ze in dof keramiek worden geserveerd, in het halfdonker. De schaduwen, zo zegt hij, versterken de smaak!
Lakwerk: De Koning van de Schaduw
Lakwerk! O jongens, over lakwerk kan Tanizaki uren praten. Hij beschrijft hoe Japanse lakwerkstukken er het mooist uitzien in het zwakke licht, als de schaduwen dansen over de gepolijste oppervlakken. Diepte, complexiteit, mysterie… Dat is wat hij zoekt. En dat vind je niet in een led-lamp van 100 watt, kan ik je vertellen!

Hij vergelijkt het met zilverwerk. Westers zilver, glimmend en nieuw, boeit hem niet. Maar oud, Japans zilver, met een patina van jaren gebruik, dat is pas mooi! De vingerafdrukken, de kleine krasjes, de aanslag… Dat is allemaal deel van het verhaal, van de geschiedenis van het object.
Het is eigenlijk een pleidooi voor het accepteren van imperfectie. En eerlijk is eerlijk, daar kunnen we allemaal wel wat van leren, toch? We zitten allemaal zo te stressen over hoe we eruitzien, over hoe ons huis eruitziet, over hoe ons Instagram-feed eruitziet… Misschien moeten we gewoon eens wat vaker de gordijnen dichtdoen en genieten van de schaduwen!
Is het allemaal Rozengeur en Maneschijn? Nou…
Natuurlijk is het boek niet perfect. Sommige mensen vinden het een beetje nostalgisch, een beetje ouderwets. Alsof hij vastzit in een geromantiseerd beeld van het oude Japan. En misschien is dat ook wel zo. Hij schrijft het in 1933, een tijd dat het moderne Japan heel hard aan het veranderen was. Hij voelde die verandering en probeerde vast te houden aan wat hij mooi vond.

Bovendien, we moeten eerlijk zijn: Het is een beetje eurocentrisch, in de zin dat hij de westerse cultuur soms karikaturaal neerzet. Alsof wij hier allemaal in een klinische, steriele wereld leven. Maar hé, elk boek heeft zijn minpunten, toch?
En laten we eerlijk zijn, hij klaagt ook een beetje over het ongemak van traditionele Japanse huizen (koud in de winter, warm in de zomer). Maar zelfs die klachten zijn charmant! Het is alsof hij zegt: "Ja, het is niet perfect, maar het is mijn imperfectie, en ik hou ervan!"
Wat Neem Je Mee van 'In Praise of Shadows'?
Dus, wat is nu de boodschap? Moeten we allemaal terug naar kaarslicht en latrines? Natuurlijk niet! (Tenzij je dat echt wilt, dan moet je dat vooral doen!) Het gaat erom dat we wat bewuster worden van de manier waarop we onze omgeving vormgeven. Dat we nadenken over de impact van licht, van kleur, van textuur. En dat we misschien wat meer waardering krijgen voor het imperfecte, voor het subtiele, voor het… tja, voor de schaduwen!

Denk er maar eens over na als je je volgende selfie maakt. Misschien is een beetje schaduw wel net wat je nodig hebt!
Dus, pak dat boek op. Geef het een kans. En laat je verrassen door de schoonheid van de duisternis. Je zult er geen spijt van krijgen. En wie weet, ga je je huis wel heel anders bekijken!
En nu, nog een bakkie koffie?
