Ik Vind Of Ik Vindt

Ken je dat? Je zit lekker te typen, misschien wel een belangrijk mailtje naar je baas, of een vurig betoog op social media, en dan... BAM! Daar is-ie weer: de twijfel. De vraag die elke Nederlandse schrijver, van schoolkind tot geroutineerde journalist, wel eens voor hoofdbrekens zorgt: is het nou ik vind of ik vindt?
Het is net als dat moment waarop je je autosleutels kwijt bent. Je hebt ze net nog gehad, maar nu? Nergens te bekennen. Je zoekt in je zakken, onder de kussens, in de koelkast (ja, het is gebeurd!), in de hoop dat je ze toch nog ergens verstopt had. Die zoektocht is vergelijkbaar met de zoektocht naar de juiste vorm van "vinden".
Laten we eerlijk zijn: het is een irritant klein detail. Het verschil van één letter, maar o zo belangrijk. Één verkeerde letter kan je hele geloofwaardigheid ondermijnen, zeker als je probeert slim over te komen! Alsof je met je chique pak en glimmende schoenen struikelt over een stoeptegel.
Must Read
Waarom is dit zo'n ding?
Goede vraag! Het antwoord ligt in de Nederlandse grammatica, die soms net zo logisch is als een droom van een driejarige. Het werkwoord "vinden" is een zwak werkwoord. Dat betekent dat de stam (vind) zich in principe niet aanpast bij de vervoeging in de tegenwoordige tijd, behalve bij... juist, de derde persoon enkelvoud (hij/zij/het vindt).
Denk er maar aan alsof je een taart bakt. De basis is altijd hetzelfde (het deeg = de stam), maar de toppings (de uitgangen) variëren afhankelijk van wie de taart krijgt. Ik krijg een taart zonder extra versiering (ik vind), hij krijgt een taart met extra chocolade (hij vindt).
En daar zit 'm de kneep. Die verwarring met de derde persoon enkelvoud. We zijn zo gewend om "hij vindt" te zien, dat we soms automatisch die 't' erachter plakken, ook als het niet hoort. Het is een soort automatische piloot die aangaat, vooral als je snel typt of onder druk staat.

Het is alsof je de verkeerde versnelling in je auto zet. Je bent er zo op gefocust om snel weg te rijden, dat je per ongeluk in de achteruit terechtkomt. Even opletten, en je zit weer in de juiste versnelling.
De Simpele Regel
De meest eenvoudige regel die je kunt onthouden: ik vind is altijd goed. Punt. Uit. Klaar. Er is geen enkele uitzondering. Tenminste, behalve als je ironisch wilt zijn, maar daar komen we zo op.
Dus, twijfel je? Wees als die ene vriend die altijd het zekere voor het onzekere neemt en de trap afdaalt met beide handen aan de leuning: ga voor "ik vind". Je zit altijd safe.

Zie het als een verkeersbord. Je bent aan het rijden (aan het schrijven), en je ziet een bord: "Twijfelzone". Rem af, denk even na, en kies voor de veilige route: "ik vind".
De Gevaren van "Ik Vindt"
Oké, wat is er nou eigenlijk zo erg aan "ik vindt"? Nou, afgezien van het feit dat het grammaticaal incorrect is, kan het je een beetje dom laten overkomen. Niet eerlijk, maar wel waar. Stel je voor: je solliciteert naar een droombaan en je motivatiebrief staat vol met "ik vindt". De kans is groot dat de recruiter denkt: "Hmmm, basiskennis ontbreekt."
Het is alsof je naar een sollicitatiegesprek gaat in je pyjama. Je bent misschien wel de perfecte kandidaat, maar de eerste indruk is niet best.
Bovendien kan "ik vindt" afleiden van je boodschap. Mensen gaan zich focussen op de fout, in plaats van op wat je daadwerkelijk probeert te zeggen. Dat is zonde van al je harde werk!

Stel je voor: je geeft een prachtige speech, maar je hebt een enorme vlek op je blouse. De kans is groot dat mensen meer op de vlek letten dan op je woorden.
Wanneer mag "Ik Vindt" dan WEL?
Nou, eigenlijk nooit. Maar... er is één uitzondering: ironie. Als je expres een taalfout maakt om iets grappigs of sarcastisch te zeggen, dan kan het. Maar wees er dan wel zeker van dat je publiek het begrijpt! Anders denken ze alsnog dat je gewoon een fout maakt.
Denk er maar aan alsof je een clown bent. Je mag rare dingen doen, maar het moet wel duidelijk zijn dat het een act is, anders denken mensen dat je gewoon gek bent.

Een voorbeeld: "Ik vindt dit echt een super goed idee!" (met een rollende oogopslag). In dit geval is het duidelijk dat je het er eigenlijk niet mee eens bent, maar dat je het op een ironische manier zegt.
Tips om de "Ik Vindt"-val te Vermijden
- Vertraag: Haastige spoed is zelden goed. Neem de tijd om te typen en te controleren.
- Check, check, dubbelcheck: Lees je tekst altijd na, het liefst hardop.
- Gebruik een spellingscontrole: Moderne tekstverwerkers en browsers hebben ingebouwde spellingscontroles. Maak er gebruik van!
- Vraag een vriend: Laat iemand anders je tekst nalezen. Een frisse blik kan wonderen doen.
- Leer jezelf aan "ik vind": Herhaal het een paar keer in je hoofd. "Ik vind, ik vind, ik vind..." Alsof het een mantra is.
Conclusie: "Ik Vind" is Je Vriend
Dus, onthoud dit: "ik vind" is je vriend. Het is betrouwbaar, consistent en nooit fout. Vertrouw erop, en laat je niet verleiden door de duistere krachten van "ik vindt".
En mocht je toch nog een keer twijfelen, denk dan aan die zoektocht naar je autosleutels. Uiteindelijk vind je ze altijd weer terug. Net zoals je uiteindelijk altijd weer terugkomt bij de simpele, maar o zo belangrijke regel: ik vind.
En nu, ga lekker schrijven en laat die 't' achterwege! Je kunt het!
