De 4 Daagse Van Nijmegen

Weet je, het leven is soms net als de 4Daagse. De ene dag gaat het soepel, de andere voelt alsof je een baksteen aan je voeten hebt gebonden en probeert een berg te beklimmen. Maar net als die vier dagen in Nijmegen, kom je er uiteindelijk wel. Alleen is er bij het leven geen gladiolen... of wel? (Spoiler alert: soms wel, in figuurlijke zin natuurlijk!).
Wat is die 4Daagse nou eigenlijk?
Oké, voor degenen die nog leven onder een steen (geen baksteen deze keer, gewoon een gewone steen), de Nijmeegse Vierdaagse is een wandeltocht van... jawel, vier dagen. Klinkt simpel, toch? Alsof je even een blokje om gaat. Nou, denk nog eens. Het is eerder alsof je een blokje om de hele provincie Gelderland gaat. Vier dagen lang, met een rugzak die zwaarder aanvoelt dan je schoonmoeder na een kerstdiner.
Je kunt kiezen uit verschillende afstanden: 30, 40, of 50 kilometer per dag. Vijftig kilometer! Dat is verder dan ik op een gemiddelde zaterdag naar de supermarkt zou lopen. En dat dan vier dagen achter elkaar. Petje af voor iedereen die dat doet. Ik zou waarschijnlijk na dag één al op een bankje zitten huilen, smekend om een taxi.
Must Read
Waarom doen mensen dit in vredesnaam?
Goede vraag! Ik heb me dat ook vaak afgevraagd. Is het masochisme? Een midlifecrisis? Een weddenschap verloren? Waarschijnlijk is het een combinatie van alles. Maar serieus, de redenen zijn divers. Sommigen doen het voor het goede doel, anderen voor de uitdaging, weer anderen om te bewijzen dat ze nog niet helemaal op hun sterfbed liggen. En sommigen, denk ik, gewoon omdat het een traditie is. Net als Sinterklaas, maar dan met blaren en zonder chocoladeletters (tenzij je die zelf meeneemt, slimpie!).
De sfeer is ook een enorme aantrekkingskracht. Het is één groot feest, de hele stad staat op zijn kop. Muziek, gezelligheid, en hordes mensen die allemaal hetzelfde doel hebben: die finish halen. Alsof je in een soort wandelende rave party zit, maar dan zonder de drugs (hoop ik) en met meer zweet. En met heel veel blarenpleisters.
Ik herinner me een verhaal van een vriend die meedeed. Hij vertelde dat hij op dag drie, toen hij echt helemaal kapot was, werd aangemoedigd door een oudere dame langs de kant. Ze gaf hem een stuk komkommer en zei: "Jongen, je kunt het! Denk aan de gladiolen!" Hij zei dat dat stuk komkommer de lekkerste komkommer was die hij ooit had gegeten. En dat de gladiolen plotseling een stuk dichterbij leken.
Die gladiolen, ja, die zijn heilig. Het is het symbool van de overwinning. Na vier dagen afzien, krijg je een bos gladiolen en een medaille. Dat is een moment waar je trots op mag zijn. Alsof je de Olympische Spelen hebt gewonnen, maar dan voor wandelaars. En zonder dopingcontrole, geloof ik.

De voorbereiding: alsof je een oorlog aan het voorbereiden bent
De 4Daagse is niet iets wat je zomaar even doet. Het vereist serieuze voorbereiding. Training, goede schoenen (essentieel!), de juiste kleding, en een rugzak die niet te zwaar is. Het is net alsof je een oorlog aan het voorbereiden bent, maar dan tegen je eigen lichaam. En de elementen.
Je moet je voeten insmeren met vaseline, speciale sokken dragen (geen sokken van de Zeeman, tenzij je echt masochistisch bent), en blarenpleisters meenemen. En dan nog krijg je blaren. Het is een ongeschreven wet van de 4Daagse: je kunt het niet ontlopen. Het hoort erbij. Net als files in de spits, of een telefoontje van een callcenter tijdens het avondeten.
Het publiek: de echte helden
Maar laten we het ook even hebben over het publiek. De mensen langs de kant die je aanmoedigen, je een banaan geven, of je een high five geven. Zij zijn de echte helden! Zonder hen zou de 4Daagse een stuk minder leuk zijn. Ze staan er urenlang, in weer en wind, om de wandelaars aan te moedigen. Ze zingen, ze dansen, ze maken lawaai. Alsof het hun eigen verjaardag is, maar dan vier dagen lang.

Ik heb verhalen gehoord van mensen die complete dorpen passeren, waar de bewoners allemaal buiten staan met eten, drinken en muziek. Het is ongelooflijk. Het is alsof je door een levend schilderij loopt, waar iedereen meedoet. En waar je gratis komkommer krijgt. (Ik ben dol op komkommer, blijkbaar).
De naweeën: spierpijn tot in je kleine teen
En dan, na vier dagen, is het voorbij. Je hebt het gehaald! Je bent moe, je hebt pijn, je hebt blaren, maar je hebt het gedaan. Je hebt de 4Daagse gelopen. Nu begint de echte uitdaging: herstellen. De spierpijn is niet normaal. Je voelt spieren waarvan je niet eens wist dat je ze had. Lopen is een uitdaging, zitten is een uitdaging, liggen is een uitdaging. Eigenlijk is alles een uitdaging.

Maar de trots overheerst. Je hebt iets bereikt wat niet iedereen kan. Je hebt je grenzen verlegd, je hebt jezelf overwonnen, en je hebt een bos gladiolen verdiend. En een medaille, die je met trots kunt laten zien. Alsof je een trofee hebt gewonnen bij een obscure sport, maar dan wel een sport waar je respect voor krijgt.
En weet je wat het mooiste is? Het jaar daarna begin je weer te twijfelen. "Zal ik weer meedoen?" vraag je jezelf af. "Was het het wel waard?" Maar diep van binnen weet je het antwoord al. Want de 4Daagse is meer dan alleen een wandeltocht. Het is een ervaring. Een uitdaging. Een feest. En misschien, heel misschien, wel een beetje masochisme. Maar vooral: het is de 4Daagse. En dat maakt het uniek.
Dus, ga je dit jaar meedoen? Ik niet, denk ik. Ik blijf wel langs de kant staan, met een komkommer. En heel veel aanmoedigingen.
